Hoe begin ik aan de aanleg van een geveltuin?

STAP 1: Je eigen geveltuinidee

Ontwerp de geveltuin van je dromen. Ga na welke dimensies jouw toekomstige geveltuin zal hebben. Stel bloemencombinaties samen die gedurende het volledige seizoen voor bloei zorgen en vergeet hierbij zeker niet na te gaan hoe jouw gevel georiënteerd is. Tenslotte zullen niet alle planten zich even goed voelen in elk specifiek geval. Voornamelijk het aantal zonuren is hierbij belangrijk, maar hou zeker ook rekening met insectenvriendelijkheid, inheems, winterhardheid, en niet te vergeten: pesticidevrij gekweekt. Indien je ondersteuning wilt bij de plantenkeuze verwijzen we graag door naar onze plantengids waarin je gefilterd kan zoeken in een database van 84 gevelplanten of naar onze georganiseerde geveltuinwandelingen in Mechelen.

LET OP: Je kan niet graven daar waar je nutsleidingen binnen komen in je woning. Om deze positie te bepalen trek je vanuit de meters binnen in je woning een loodrechte lijn naar je voorgevel. Indien je hier toch zou graven kan je de water-, gas-, elektriciteit- of datakabels beschadigen en loop je zelf mogelijks gevaar!

STAP 2: Vraag je vergunning aan

Helaas is het niet mogelijk om overal tegeltuintjes te maken. Het voetpad moet breed genoeg blijven zodat er voldoende ruimte is om gemakkelijk met rolstoelen en kinderwagens door te kunnen. Er moet altijd minstens 1 m stoep overblijven; op alle voetpaden en bermen langsheen wegen beheerd door het Vlaamse gewest moet zelfs 1,5 meter vrijgehouden worden voor voetgangers. Welke straten dit zijn kan je terugvinden op volgende link.

Een tegeltuintje mag maximum 45 cm breed zijn. Aanplantingen (bloemen, takken) blijven binnen deze strook van 45 cm. Best vraag je aan je buren of je tot de scheidingslijn mag gaan of niet. Plaats een verhoogd boordje zodat er zich een echt bakje vormt en bewaar de uitgenomen voettegels zorgvuldig. Als jij of een volgende bewoner het tuintje niet meer wilt, moet het voetpad immers in zijn oorspronkelijke staat hersteld worden.

Start je aanvraag bij Stad Mechelen via volgende link.

Volgende informatie dien je tijdens je aanvraag mee te sturen:

  • Schets met de juiste inplanting van het aan te leggen geveltuintje
  • de juiste afmetingen (breedte en diepte)
  • breedte van het voetpad op de plaats van het geveltuintje
  • foto’s van huidige situatie

STAP 3: Uitbreken en vullen met plantsubstraat

Neem de tegels van het trottoir weg (en hou ze bij). Graaf ook alle funderingsresten uit, tot op een diepte van 30 – 40 cm. Liefst tot de bruine aarde. Plaats een boord (steen of ander materiaal). De onderliggende grond (eventueel fundering) vervang je tot op een diepte van minimaal 40 cm door een goed plantsubstraat. Dit plantsubstraat kan bestaan uit :

  • goede teelaarde vermengd met grondverbetering en organische bemesting;
  • turfvrije potgrond vermengd met grondverbetering en organische bemesting;
  • een mengsel met als basiscomponenten nutur-bims, licht-lava, schorscompost, groencompost en

TIP: Vlaco-compost is milieuvriendelijk als recyclageproduct van gft- en groenafval dat uit de omliggende regio wordt aangevoerd, ideaal voor jouw geveltuin. Vlaco vzw streeft naar een compostering en compostgebruik met een kleine ecologische voetafdruk.

STAP 4: Klimhulp monteren indien nodig

Boor gaatjes en bevestig je klimhulp met pluggen en vijzen aan de muur. De klimhulp krijgt heel wat gewicht te dragen. Zorg er dus voor dat hij goed vast zit. Laat minstens 5 cm ruimte tussen de klimhulp en de muur. Breng hem laag genoeg aan, zodat je straks de klimplant kan aanbinden. Zie wel dat je geen klimplant laat opgroeien tegen je waterpijp. Deze kan op termijn beschadigd worden. Let op met grote constructies op de gevel. Deze zijn niet toegestaan binnen de vergunning voor een tegeltuintje. Indien je geen staaldraadje wenst te gebruiken, moet je een omgevingsvergunning voor een gevelwijziging aanvragen.

STAP 5: Planten

Stop de planten een half uur in een emmer water. Maak het potje en de wortelkluit los. Plant de klimplant centraal in het tuintje. Vul de overblijvende ruimte met bodembedekkers. Bind de planten aan de klimhulp. Geef ze goed water. Doe dat de eerste dagen regelmatig.

STAP 6: Genieten en onderhoud

En nu genieten maar van je geveltuintje (samen met je buren)! Momenteel zijn de plantjes nog klein, maar al gauw zullen ze heel je gevel gaan beklimmen. Zie dus wel dat je je geveltuin voldoende onderhoudt en in perken houdt voor te wilde groei. Let hierbij op dat Stad Mechelen steeds jouw vergunning kan intrekken indien je geveltuin niet onderhouden wordt en een belemmering vormt voor het voetpad of je buren.

Laat je geveltuin het hele jaar bloeien!

Plant bolletjes zoals krokus of narcis in je tuintje voor een vroege lenteknipoog. Plant vrouwenmantel, hemelsleutel of herfstanemoon om tot laat in de herfst bloei te hebben. Of zet een winterjasmijn voor zijn fel gele bloempjes in de winter.

Gebruik de plantengids om te achterhalen wanneer welke planten bloeien en stem deze op elkaar af.

Maak een insectenvriendelijke geveltuin!

Maak je geveltuin aantrekkelijk voor vlinders, wilde bijen, vogels en tal van andere diertjes.

Zij houden van planten met veel nectar, zoals klimop en kamperfoelie, salie, marjolein, hemelsleutel, munt,… Insecten zorgen voor de bestuiving van uw planten en zo werkt u mee aan een grotere biodiversiteit. Ga zelfs een stapje verder en hang een bijenhotel aan uw gevel. Hierin vinden solitaire bijen een beschermde nestplaats. In de stad zijn het vooral de solitaire bijen die voor de bestuiving van de planten zorgen. Deze bijen leven alleen en zijn erg zachtaardig.

Plant een eetbare geveltuin!

Kiwibes, druif, braam , … geven veel lekkers. En aan de voet van de klimplanten kun je kiezen voor salie, munt, tijm, … Hiernaast trekken bessenstruiken ook veel vogels aan. Dus vergeet zeker geen deel van de oogst te delen met hen.

Een eetbaar tuintje is ideaal als u in een verkeersluwe straat woont. Woont u in een iets drukkere straat, kies dan voor fruitsoorten die enerzijds schilbaar zijn of een glad oppervlak hebben en dus makelijker te wassen zijn. Plaats kruiden bij voorkeur op de vensterbank, het balkon of terras of in hoge bakken. Laaghangende planten kunt u beter niet opeten: namelijk niet alle honden doen hun plasjes in de goot.

Klimhulp voor als je

in de hoogte gaat

Zelfhechtende klimmers zijn vooral geschikt voor grote blinde muren. Bij klimplanten die een klimhulp nodig hebben, bepaal je zelf waar de plant naartoe mag klimmen. Blauwe regen kan je regenpijp wurgen dus toch even uitkijken welke plant waar komt.

Soorten klimhulp

Kies de klimhulp die past bij de groeiwijze van uw klimplant. Bekijk vooraf hoe groot uw klimmer ongeveer kan worden en zorg dat uw klimhulp diezelfde hoogte haalt. U kunt klimplanten ook snoeien wanneer ze aan het einde van de klimhulp komen. Zo vormt de klimhulp ook de begrenzing van de plant en een ‘snoeihulp’.

U kunt klimplanten ook horizontaal leiden. Voor leibomen is dit noodzakelijk, maar ook andere klimmers die u liever niet te hoog laat groeien, kunt u horizontaal leiden met bijvoorbeeld spankabels. U leidt dan best een hoofdtak in de gewenste hoogte en laat de zijtakken vanaf dan horizontaal afleiden. Zo zorgt de klimplant ook in de breedte voor groen.

Welk materiaal kiezen

Kies een stevige klimhulp in duurzaam materiaal. Roestvrij staal heeft de langste levensduur en vergt geen onderhoud. U kunt zelf een klimhulp maken door spanvijzen in uw gevel te bevestigen en hiertussen (roestvrije) kabels te spannen. U kunt klimhulpen ook aankopen in gespecialiseerde winkels, voorbeelden zijn:

      • Een stevige metalen draadzuil (of klimkorf) waarop uw planten voldoende ruimte krijgen om te klimmen. Deze draagzuil beschermt ook de stam van uw plant.
      • Draadmatten, op voorwaarde dat ze ver genoeg van de gevel zitten.
      • Hout is een natuurlijk materiaal met een kortere levensduur. Kies voor een stevig klimrek dat jaren meegaat.
      • Klimrek in bamboe. Bamboe is bijvriendelijk omdat solitaire bijen hun nesten maken in holle stengels.

LET OP: Let op met grote constructies op de gevel. Deze zijn niet toegestaan en maken geen deel uit van een vergunning voor een tegeltuintje. Indien je geen staaldraadje wenst te gebruiken, moet je een omgevingsvergunning voor een gevelwijziging aanvragen. Geef duidelijk aan in je aanvraag wat, waar en in welk materiaal je de geleiding wil aanbrengen op de gevel, zo voorkom je dat de klimhulp achteraf terug moet afgebroken worden. Nutsleidingen op de gevel dienen ook steeds vrij te blijven. Zo kunnen ze niet doorgeknipt worden tijdens het snoeien.

Hoe de klimhulp aanbrengen

Breng uw klimhulp aan voor u gaat planten, zodat uw muur nog gemakkelijk bereikbaar is. Doe dit indien nodig met twee. Bevestig de klimhulp altijd op een afstand van minstens 5 cm van de muur. Als de klimhulp te dicht tegen de muur hangt, hebben ze geen ruimte om zich er rond te winden. Zorg dat de draagkracht voldoende is om het gewicht van een volwassen plant te dragen. Maak de klimhulp zodanig vast aan uw gevel dat ze tegen een stootje en hevige stormen kan.

Koop je nieuw plantgoed met korting!

Via onze actie kan je korting krijgen bij onze partner kwekers door de vermelding van “Geveltuinen Klimaan” bij je bestelbon.

Kijk snel in onze plantengids welke planten beschikbaar zijn bij welke kweker. Veel plantplezier!

20% korting

10% korting

10% korting op kruiden en klimplanten

Onderhoud

Verzorging

  • Elke dag (2 minuten): kijken en eventueel water geven
  • Elke maand in het groeiseizoen (15 minuten): bijknippen en opbinden
  • Eenmaal per jaar: snoeien, bemesten en klimhulp nakijken

Water geven

Een geveltuin blijft vaak droog omdat gevel en dakgoot het regenwater tegenhouden en de stoep meestal afhelt. Geef de planten daarom, zeker in het eerste jaar, regelmatig water, ook wanneer het heeft geregend. Gebruik hiervoor zo veel mogelijk regenwater of het spoelwater van uw groenten. Misschien is het de moeite waard om bij grotere geveltuinen ook na te denken over het plaatsen van een gevelton. Zo kom je minder snel zonder water.

Bescherming

Zorg de eerste jaren voor een goede bescherming van uw tegeltuintje. Door slakken en hondenplasjes kunnen jonge planten afsterven.

Bijsturen

Maak de groeiende klimplant regelmatig terug vast aan de klimhulp. Zo groeit hij beter.

Snoeien

Snoei de klimplanten weg van dakgoten, verlichting en verkeersborden. Haal verdorde plantendelen weg. Zorg wel dat uw tegeltuin de vrije doorgang niet hindert (min 1 m). Probeer de planten zoveel mogelijk hun natuurlijke gang te laten gaan. Vogels houden van dichte struiken en (nuttige) insecten overwinteren tussen dode blaadjes en takken. Snoei overhangende takken en houd klimplanten weg van het huis van uw buren, uit goten, voor ramen en van dakpannen. Snoei lentebloeiers na de bloei zodat u de knoppen niet wegknipt. Zomerbloeiers snoeit u in het voorjaar dan krijgen ze meer knoppen.

Bemesten

Planten putten de bodem uit. Breng daarom jaarlijks een laagje aan van 2 cm compost. Het verrijkt de bodem met organisch materiaal, het gaat verdamping tegen en het beschermt de wortels tegen koude. Oudere planten hebben af en toe wat extra bemesting nodig. Gebruik geen kunstmest maar gedroogde dierlijke mest. Bemest niet te veel, anders groeien de planten te hard, waardoor ze verzwakken en vatbaarder zijn voor plagen.

Pesticides

Ga plagen niet meteen te lijf met pesticiden. Er zijn tal van natuurlijke middeltjes die even goed werken. Kijk op www.zonderisgezonder.be voor ideeën.

Verzorgde straat

Uw geveltuin wordt mooier als u regelmatig uw stoep poetst met water. Gebruik zeker geen bleekwater want hier kunnen planten niet tegen.

Neem zeker ook een kijkje op onze andere pagina’s