Tussen ‘drasj’ en droogte

Tussen ‘drasj’ en droogte

We voelen een sluimerend, maar stijgend gevoel van bezorgdheid over droogte. Het probleem was steeds iets dat aan bod kwam bij mogelijke gevolgen van klimaatverandering, “over een paar decennia of zo”, maar het komt nu steeds dichterbij. De droogte van de voorbije maanden is iedereen opgevallen. In ons achterhoofd malen ook nog de zomers van 2018 en 2019 en het grondwaterpeil dat steeds verder zakt. 

 Vandaag geven 2/3e van de Vlaamse meetpunten een te lage grondwaterstand aan. In Antwerpen en Limburg werd vanaf mei de alarmfase oranje afgeroepen voor het brandgevaar. Dit is nog nooit zo vroeg gebeurd.

Water is, net als energie, lucht en grond een common waar wij ons met Klimaan als burgerbeweging voor willen inzetten. De leden van onze groep Water zoeken momenteel naar initiatieven om een impact te kunnen uitoefenen als burger, naast de bestaande werken die ons lokaal bestuur gepland heeft.

Wat gebeurt er al in onze regio?

De stad Mechelen heeft een risicoanalyse laten uitvoeren om vat te krijgen op hoe gevolgen van klimaatverandering zoals aanhoudende droogte of andere extreme weersomstandigheden zich in onze buurt gaan manifesteren. Ook is er een hemelwaterplan in de maak om een strategie uit te rollen zodat regenwater hergebruikt, geïnfiltreerd en gebufferd kan worden. Dit werk kost allemaal erg veel tijd, energie en vooral geld. Hoopgevend is dat stad Mechelen alvast een deel van de prijzenpot van de European Green Leaf Award 2020 zal besteden aan de ontharding van het Hoogstratenplein. 

Wat kan er nog meer gebeuren en wat kunnen wij met Klimaan doen?

A) Ontharden is ‘the way to go’

Hoe komt het dat ons grondwaterpeil moeilijk herstelt? Naast het uitblijven van regenval, is onze verharding van de oppervlakte een grote boosdoener. Door alles vol beton, asfalt, dichte klinkers,… te leggen, krijgt het hemelwater geen kans om in onze steeds droger wordende bodem te infiltreren, maar stroomt het af via riolering naar een waterzuiveringsinstallatie of naar een waterloop. Om dit fenomeen tegen te gaan is het belangrijk om zo veel mogelijk neuzen dezelfde richting in te krijgen, en samen de bodem weer vrij te maken voor infiltratie. Het hemelwaterplan van onze overheden is een werk van decennia, en in de tussentijd kunnen burgers zich hier ook organiseren om in hun buurt de straat ‘uit te breken’.

Het Vlaamse Departement Omgeving lanceerde al een 45-tal proeftuinen (campagne Vlaanderen Breekt Uit). In Mechelen nam het co-housingproject Gummarushof en de naburige scouts het initiatief om in dit kader hun terreinen te ontharden (zie de projectfiche).


Als burgerbeweging kunnen we misschien ‘Mechelen Breekt Uit’ organiseren? Hiermee breiden we uit naar verschillende wijken en buurtparken, zodat we deze ontharding in een stroomversnelling kunnen brengen, met een sappige bodem voor fleurige en frisgroene vegetatie als direct zichtbare voordelen voor de buurtbewoners.

Ook kunnen we weer een groepsaankoop organiseren voor hemelwaterinstallaties en infiltratievoorzieningen.

B) Waterbesparing: nieuwe reflexen bij ons allemaal

Momenteel denken velen pas na over waterverspilling, wanneer de droogtes tot zo’n kritiek punt zijn gekomen dat het nationaal nieuws wordt. Ik vraag me soms af of we later aan de volgende generaties gaan vertellen “Je kan het niet voor mogelijk houden, maar tot de beginjaren ’20 spoelden we nog steeds massaal onze toiletten door met drinkbaar water, vulden we er zwembaden mee en wasten we auto’s alsof er een onuitputtelijke waterbron was”.  Volgend op een reactie zoals ik had als kind op de beelden van sigarettenreclame.

Wat kan je zelf doen?

  • Als basis: Inzicht krijgen in je huishoudelijk watergebruik. Meten is weten! Noteer maandelijks je meterstand en bereken hoeveel je gezin per persoon per dag verbruikt. En zie op dit overzicht waar je kan besparen.

Een handige tool hierbij is Energie-ID, als je onze groep Mechelen Klimaatneutraal wil komen versterken? Welkom!

  • Er zijn talloze bronnen waar we geïnformeerd worden over hoeveel water welke handeling vergt. Van zichtbare liters in je eigen huishouden tot onzichtbare liters bij de productie van bijvoorbeeld koffie, kledij en vlees.
    Hier zullen we zeker nog dieper op ingaan in een volgende blog.

We geven hier alvast 4  (zichtbare) waterbesparingstips mee:

  1. Als je er nog geen hebt: plaats een spaardouchekop. Met dit eenvoudig tussenstukje bespaar je op jaarbasis 10.000 liter water. Dit is geen typefout, het halveert nl. het waterverbruik en dit levert al gauw 40 liter op per douchebeurt. Wel niet extra lang douchen dan ;). 
  1. Gebruik een emmertje! Probeer zoveel mogelijk grijs water op te vangen om te hergebruiken: koud douchewater of spoelwater van groenten zijn prima geschikt voor je (tuin)planten.

Ook zeepwater van onze veelvuldige handenwasbeurten kan je perfect opvangen in emmers om daarmee je toilet door te spoelen. Daar spaar je algauw zo’n 50 liter zuiver drinkwater per dag mee uit.

  1. Vang je regenwater op in een regenton of nog beter:

Plaats een regenwaterput of hemelwaterinstallatie om aan te sluiten op het toilet en/of wasmachine. Stad Mechelen geeft hiervoor een premie tot 550 euro! (Meer info vind je hier).

  1. Droogte in de tuin aanpakken kan je zo doen, zonder al te veel water te  gebruiken:https://www.velt.nu/nieuws/enorme-droogte-5-tips-voor-je-tuin Of kies voor meerjarige eetbare planten, de basis van de permacultuur. Door hun sterk wortelgestel hoef je die (na het eerste jaar) helemaal geen water te geven.

In de pers:
Er verschenen de laatste weken prachtige initiatieven, die erg inspirerend werken:

Voorbeelden uit Gent:

Al gauw opgevolgd door Mechelen:

Heb je zin om hier mee je schouders onder te zetten? 
Word actief lid bij Klimaan en geef als interesse ‘water’ aan.
Je wordt vervolgens uitgenodigd voor een volgende bijeenkomst van de groep Water en de rest vloeit vanzelf. 








 

 

 

 

 

Doe ook jij niets voor het klimaat? Welkom in de club!

Doe ook jij niets voor het klimaat? Welkom in de club!

Wie doet er liever niets? Wie neemt graag eens een snipperdag?

 Ik! Ik! Ik! Zeggen veel mensen. Maar owee als er niets is. Dan staan we daar ineens met onze mond vol tanden. Wat nu? Dan maar afleiding: we eten, drinken, praten, gsm’en, nemen foto’s, slaan aan het denken, … en vergeten zo het niets. Weglopen van het ‘niets’ is een van de redenen waarom wij maar blijven doorgaan.

 Lang, lang geleden waren er geen mensen. Volgens sommigen zijn die er maar gekomen toen de apen beetje bij beetje verstandiger werden. En daar ging het dus mis. Daar leerden wij de wereld begrijpen en hem beïnvloeden met onze handen. Terwijl we denken dat we dat goed doen, merken we dat dat toch niet zo goed gebeurde: onze grond, lucht en water is vervuild. En het wordt te warm en te droog. Wat nu?

Nadenken maar weer?

Neen begot! Niet nadenken. Niet doen. Want dat hebben we altijd al gedaan en daardoor liep het fout. Niets doen. Dat zal het worden.

Kom samen met ons NIKSEN in Willebroek op vrijdag 6 maart. De hangjongeren doen het ons al eeuwen voor.

Om 9u30 houden we een korte inleiding in het park Brouwershof (over de Bib). Daarna gaat ieder zijn eigen weg. Je hoort, ziet, ruikt, voelt een halve dag wat je tegenkomt. Zonder gsm. Zonder geld. Niets. Enkel wat eten en drinken voor onderweg of voor ‘s middags. Door niets te plannen of doen krijg je oog voor wat onze omgeving al voor ons in petto heeft. Verstand op nul en alles wordt mogelijk.

Rond 13u komen we weer samen en delen wat we opmerkten. Of je doet gewoon verder en je deelt niets :).

Inschrijven is niet nodig. Kom gewoon.

Zo simpel is het.

Denk jij dat dat toch allemaal wat makkelijk of lui is? Dat we daarmee problemen uit de weg gaan? Wij wisselen daarover graag samen met jou van gedachten op één van onze transitiecafés in Willebroek. Of kom toch eens langs op 6 maart en ervaar het gewoon.

Jan Van De Merckt,  Klimaan Vaartland

Agrarisch cohousing project ‘De Scherpen Horinck’

Agrarisch cohousing project ‘De Scherpen Horinck’

Uitnodiging Infomoment 15/12

We gaan op zoek naar meer medebewoners en meer activiteiten!

De huidige hertenboerderij Parkcoplus, aan de Grote Heide in Leest, bestaat al 27 jaar maar daar komt verandering in. Het cohousing project ‘De Scherpen Horinck’, gekoppeld aan agrarisch geïnspireerde initiatieven, is er van start gegaan. De huidige boerderij wordt afgebroken en maakt plaats voor een aantal woonunits, gemeenschappelijke ruimtes, nieuwe stallingen en boerderij, de verdere uitwerking van de al bestaande plukboerderij ‘Onzen Hof’ en een aantal bed & breakfast kamers.

“Momenteel verkopen we al jaren lekker hertenvlees en nevenproducten (zoals geweien en huiden), organiseren we verjaardagsfeestjes en rondleidingen op de hertenfarm en hebben we een goede samenwerking met Mechels Natuurlijk, Groene Zorg, VLM, het Mechelens stadsbestuur, Lokale Voedselstrategie, Duurzaamheidsas, Mechelen Klimaatneutraal en de toeristische diensten”, zegt Cisse Vleminckx, edelhertenboer en bezieler van het project. “Er zijn echter veel meer mogelijkheden met deze 12 hectare aan terreinen. De bestaande plukboerderij kan nog worden uitgebreid, we bekijken de mogelijkheid van onder andere een voedselbos, een speelbos, beheer van de perceelsranden, workshops,…
De cohousing zal bestaan uit individuele units waarbij ieder gezin zijn eigen keuken, badkamer, slaapkamers en leefruimte zal hebben maar met een gemeenschappelijke ruimte in het midden. Net zoals bij een appartementsgebouw zetten we een ‘vereniging voor mede-eigenaars’ (of VME) op, alleen zijn bij ons de individuele delen kleiner en de gemeenschappelijke groter.


De gemeenschappelijke of polyvalente ruimte kan gebruikt worden om regelmatig samen te eten met de bewoners of andere activiteiten in te organiseren zoals workshops of lezingen. Een buurtwerking wordt bekeken. Verder zullen ook de wasplaats, een logeerkamer, de tuin en een werkplaats gedeeld worden met de bewoners.”

“We hebben een voorontwerp van de nieuwe gebouwen opgesteld met architectenbureau ARAS uit Mechelen en houden rekening met de BEN-norm (bijna-energieneutraal). Het ontwerpen van de gemeenschappelijke ruimtes en ook de individuele wensen voor de units zorgen voor leuke uitdagingen. We hebben al een werkgroep met mensen die hier willen komen wonen of een project willen opstarten. Door het project zelf op te zetten en op te volgen, sparen we ook de kosten van een projectontwikkelaar uit.
Om echter genoeg mensen te hebben om alle units te bezetten willen we meer geïnteresseerden aantrekken en daarom organiseren we op zondag 15 december om 10u30 een infosessie in het Dorpshuis in Leest met aansluitend een bezoek van de terreinen op de Grote Heide 31.
Verder is er zeker ook nog ruimte voor geïnteresseerden aan andere agrarisch-, ecologisch-, of sociaal geïnspireerde projecten die zouden kunnen aansluiten aan ons cohousing project, ook door mensen die hier niet zouden komen wonen.”


Contactpersoon: Cisse Vleminckx, tel 0486 85 68 54, cisse.vlemincxk@telenet.be
Facebookpagina: De Scherpen Horinck
Persmoment: zondag 8 december 14u00, aansluitend buren infomoment om 14u30

Terugblik op de zomerweek van Aardewerk

Terugblik op de zomerweek van Aardewerk

Klimaan was goed vertegenwoordigd op de zomerweek van Aardewerk. Steven, Marleen, Tris, Mia en ik waren erbij. ‘De mens voorbij: onder planten en dieren’ was het thema waarin sprekers Ullrich Melle en Ton Lemaire ons meenamen. Aardewerk pleit voor fundamentele sociaal-ecologische verandering en organiseert naast de zomerweek ook de opleiding ‘Ecologische filosofie en politiek’ in Mechelen.

Leestijd: 10 minuten.

Idyllisch en vol leven. De omgeving van het Molenhuis in Bérismenil waar de zomerweek van Aardewerk plaatsvond is een mooie plek om tot rust te komen. Even naar de tent? Dan wandel je via de brug over het riviertje, onder de bomen door, naar het weilandje. Voor je voeten zie je muisjes in hun holletjes verdwijnen en sprinkhanen wegspringen. En kijk eens in het water. In de vijver zitten kikkers en in de Belle Meuse rivierkreeftjes. Het is een prachtige plek in het groen, waar het makkelijk is om je verbonden te voelen met alle leven.

Alle leven? ‘Plantenblindheid! U schrijft over de mensen en de dieren, alsof zij de hoofdrol spelen tegen een groen gekleurde achtergrond. U ziet de planten als een groen decor.’ Hoor ik daar Ullrich Melle? Inderdaad, ik betrap mezelf hier op een zoöcentrische bril.

Die bril eens een week afzetten, en voorbij de mens denken, dat deden we tijdens de zomerweek. Met een zestigtal mensen, volwassenen en kinderen, trokken we in augustus naar Bérismenil in de Ardennen. Kamperen of in het huis overnachten, het was vrij te kiezen. Op het programma: ’s morgens een lezing, de namiddagen zelf in te vullen en ’s avonds een luchtigere groepsactiviteit.

Het was de eerste keer dat ik meeging op zomerweek. Mijn twee kinderen zagen het ook zitten. We lieten de papa thuis, namen een dorpsgenote mee en reden gepakt en gezakt naar Bérismenil, waar we onze tent opzetten op een prachtig weilandje naast het water.

 

Een droogstoppel die het over liefde heeft

Op de eerste avond heeft Ullrich Melle alles al gezegd. ‘De radicale ecologie pleit voor een andere verhouding van de mens tot de niet-menselijke natuur.’ En even later: ‘Dan mag u nu naar huis gaan’. Toch wel een aparte vorm van humor, van deze milieufilosoof en professor emeritus van de K.U.Leuven.  

Onze planetaire problemen vragen om een radicale verschuiving in onze gevoelens over ‘onze’ plaats in de rest van de natuur, zegt Christopher Stone.

Gelukkig volgde er nog een verhaal over een droogstoppel en de liefde. In 1972 schreef Christopher Stone – een jurist, dus moet het wel een droogstoppel zijn – het boek ‘Should trees have standing?’, waarin hij er vrij serieus voor pleit om juridische rechten toe te kennen aan natuurlijke objecten, zoals bossen, rivieren en oceanen. Onze planetaire problemen vragen om een radicale verschuiving in onze gevoelens over ‘onze’ plaats in de rest van de natuur, zegt hij. Om het sterk uit te drukken: we moeten ons vermogen om lief te hebben ontwikkelen. Of, zachter uitgedrukt: ons meer bewust zijn van de samenhang in de natuur. Het is pure Aardewerk-filosofie, zo pleiten voor een radicaal andere relatie tot de natuur.

Twee foto’s bekeken we nog, meer was er niet nodig om ons met de neus op de feiten te drukken: we voelen ons onwennig in onze relatie tot dieren. En dan hebben we het nog niet over de planten gehad, hen zien we vaak niet eens staan. De toon was gezet.

 

Fytoceen en antropoceen

We bleven nog wat langer, en lieten ons twee voormiddagen door Ullrich Melle op sleeptouw nemen doorheen de plantenwereld. Onze eerste opdracht: alles in perspectief plaatsen. De aarde bestaat 4,6 miljard jaar, heeft nog 7 miljard jaar voor de boeg en wij doen, ocharme, nog maar 10.000 jaar aan landbouw en veeteelt. We vinden onszelf belangrijk en we realiseren ons niet dat 99 procent van alle biomassa plantaardig is. Niks antropoceen, zegt Ullrich, we leven al 400 miljoen jaar in het ‘fytoceen’, het tijdperk van de planten. Het zijn de planten die, samen met schimmels en micro-organismen, het andere leven mogelijk maken.

Of toch, het antropoceen? De mens is lang insignificant geweest, maar sinds het midden van de vorige eeuw heeft de mensheid zowat elk onderdeel van de biosfeer beïnvloed en veranderd. De wereld zoals we die kennen is voorbij, ook al beseffen we het nog niet. We staan aan de rand van epische veranderingen. Wij, de industriële mensheid, hebben ons op hetzelfde niveau geplaatst als de grote aardse krachten. En de aarde reageert met oncontroleerbare veranderingen.

Planten zullen de wereld redden, zegt Ullrich Melle, want als zij het niet doen, wie dan wel? Planten hebben al vaker in de geschiedenis van de aarde het leven gered na extinctiegolven.

Ondertussen namen de kinderen buiten hun taak als geologisch agens ernstig. Er werd meer dan één steen verlegd en plots lagen er dammen in de rivier. De loop van de Belle Meuse zal nooit meer dezelfde zijn.

Wie zal de wereld redden? Planten zullen de wereld redden, zegt Ullrich, want als zij het niet doen, wie dan wel? Planten hebben al vaker in de geschiedenis van de aarde het leven gered na extinctiegolven. Planten houden ons in leven. 

 

Een andere tijdschaal

Laat ons dan toch maar eens beter naar die planten kijken. Biologisch gezien zijn we familie van elkaar, want we stammen allemaal af van een prokaryotische cel. Hoe kan het dat we onze familie zo uit het oog verliezen, dat we hen zo gemakkelijk tot ‘groen tapijt’ reduceren? Het antwoord is eenvoudig: omdat planten traag zijn. Je ziet ze niet groeien. Ze laten zich niet betrappen op hun vitaliteit. In dieren herkennen we ons, in planten niet.

We vinden planten geheimzinnig, we kunnen ze niet doorgronden. Toch zijn planten verbazingwekkend. Wist je dat één roggeplant 622 kilometer aan wortellengte heeft? En dat een volgroeide loofboom jaarlijks meer dan 10.000 kilogram suikers aanmaakt? Hoe indrukwekkend de plantenwereld is, zagen we ook ’s avonds in de film ‘Behind the Redwood Curtain’. We werden stil van dit verhaal over de Redwoodwouden in Californië. Die eeuwenoude woudreuzen, die volgens een andere tijdschaal leven, boezemen ontzag in. Het deed pijn om die mastodonten te zien vallen en de overgave waarmee activisten en ecologen voor het woud opkomen raakte ons. Maar tegelijk voelden we ergens ook wel begrip voor de werknemers-houthakkers, die hun werk uitvoeren om in hun levensonderhoud te voorzien, in de voetsporen van hun voorouders. Het leven is nooit zwart-wit.

 

Geen deel is essentieel

Het wonder dat alle leven op aarde mogelijk maakt is fotosynthese. Het is meteen ook het fundamentele verschil tussen planten en dieren. Planten maken hun eigen voeding, terwijl wij, dieren en mensen, rechtstreeks of onrechtstreeks van planten afhankelijk zijn. Zij kunnen zonder ons, wij zijn verloren zonder hen. We moeten ons wel verplaatsen om ons te voeden, dus hebben we compacte volumes. Bij planten is het anders: zij staan op een bepaalde plek en zetten daar in op het maximaliseren van hun oppervlakte, om zo veel mogelijk stralingsenergie op te vangen. Ze staan zo stil dat ze in de achtergrond lijken te verdwijnen. Onbeweeglijk, weerloos, kwetsbaar. Of toch niet?

Planten zijn minder kwetsbaar dan we denken. Ze zijn potentieel onsterfelijk, dat kunnen wij van onszelf niet zeggen. Planten behouden hun hele leven embryonaal weefsel, vanwaaruit ze nieuwe organen kunnen vormen. Een plant is nooit definitief afgebakend, geen deel is essentieel. Uit een tak kan een nieuwe boom groeien. Als je het zo bekijkt, is een plant niet echt een individu, maar eerder een collectief van samenwerkende cellen. Die plantencellen organiseren zich in een netwerkstructuur. Alle delen van de plant werken samen op voet van gelijkwaardigheid. Ze wisselen continu informatie uit. De intelligentie zit in de hele plant verspreid.

 

Dynamischer dan we ooit voor mogelijk hielden

We zijn geneigd te denken dat planten weerloos zijn en dat ze hun omgeving moeten ondergaan, maar dat is niet zo. Planten zijn veel dynamischer dan we ooit voor mogelijk hielden. ‘Ze hebben allemaal ADHD’, zegt Ullrich. En wat ze doen is verrassend doelgericht en probleemoplossend. Het valt ons niet op, want ze bewegen traag, ondergronds of op micrometerschaal. Hun wortels bijvoorbeeld zijn bijzonder actief. En of de huidmondjes open of dicht zijn, stuurt de plant continu bij afhankelijk van de omstandigheden.

Het onderzoek naar hoe planten informatie verwerken – dat nog vrij recent is – toont aan dat we de complexiteit, levendigheid en intelligentie van planten lang onderschat hebben.

De plant beschikt over een enorme hoeveelheid informatie. Er is communicatie en samenwerking op het diepste niveau tussen de cellen. Een plant is een hyperactief communicatief netwerk. Op basis van de beschikbare informatie maakt een plant een afweging, een keuze. Hij reageert flexibel en aangepast op invloeden uit zijn omgeving. Planten reageren niet allemaal hetzelfde. Ze vergissen zich wel eens. Ze leren uit ervaring. Ze communiceren met elkaar. Het onderzoek naar hoe planten informatie verwerken – dat nog vrij recent is – toont aan dat we de complexiteit, levendigheid en intelligentie van planten lang onderschat hebben. ‘Planten moeten niet voor ons onderdoen,’ zegt Ullrich. Het vegetale is geen minderwaardige vorm van leven.  

Dat inzicht roept een andere vraag op: hebben planten dan ook bewustzijn? Het is een delicate vraag die moeilijk te beantwoorden valt, want geen mens weet wat bewustzijn is. Wat we wel weten is dat ook planten in een wereld van betekenissen leven. Sommige elementen in de wereld rondom hen zijn gunstig voor hun voortbestaan, andere niet. Net als wij moeten planten zich daarin een weg zoeken. Volgens die kijk, ‘enactivism’ genoemd, hebben alle levende wezens bewustzijn. Meer kunnen we niet met zekerheid zeggen over het bewustzijn van planten, maar dat ze geen bewustzijn hebben is niet vanzelfsprekend, volgens Ullrich.

 

Op weg naar een plantenrevolutie en een plantenethiek

In de jaren ’70 liet Peter Singer met zijn boek ‘Animal Liberation’ de ordening van de wereld, de ‘ladder van het zijn’ met mensen boven dieren boven planten op zijn grondvesten daveren. Tot dan toe werden dieren vooral mechanistisch benaderd, maar dankzij Singer kwamen mens en dier op één trede te staan. Speelt er zich nu iets gelijkaardigs voor planten af? Maken we een plantenrevolutie mee? Is het binnenkort gedaan met onze ‘zoöarrogantie’ en zijn we op weg naar ‘zoönederigheid’? Volgens Ullrich Melle wijst alles daarop.

Dat planten complexe levende wezens zijn is ondertussen algemeen aanvaard. Toch bekijken we hen doorgaans enkel als een middel om onze doelen te realiseren. Hun inherente waarde erkennen we nauwelijks. Kunnen we zo wel verder? Als we erkennen dat planten intelligente levende wezens zijn die ook een vorm van bewustzijn hebben, dan kunnen we toch niet anders dan hen niet onnodig te kwetsen en te doden? Dan moeten we hen wel met aandacht en respect behandelen? Het laatste is hierover nog niet gezegd, we staan nog maar aan het begin van de plantenrevolutie.

Maken we een plantenrevolutie mee? Is het binnenkort gedaan met onze ‘zoöarrogantie’ en zijn we op weg naar ‘zoönederigheid’?

De eerste stappen in de richting van een plantenethiek zijn gezet. De waardigheid van alle levende wezens, inclusief de planten, is opgenomen in de Zwitserse grondwet. In 2008 maakte de Zwitserse ethische commissie dit concreter door te stellen dat we planten omwille van hun inherente waarde met terughoudendheid moeten behandelen. Een document uit Duitsland (‘Rheinauer Thesen zu Rechten von Pflanzen’), ook uit 2008, legt de fundamenten voor een plantenethiek. Het kent planten zes fundamentele rechten toe: het recht op voortplanting, het recht op zelfstandigheid, het recht op evolutie, het recht op het overleven van de eigen soort, het recht op niet-patenteren en het recht op respectvol onderzoek en ontwikkeling.

In de toekomst zullen we planten respecteren in hun eigenheid, zegt Ullrich. We hebben hen nodig voor voedsel en grondstoffen, maar hoe we nu met hen omgaan zal niet langer vanzelfsprekend zijn. Hij sloot af met een suggestie – met een knipoog – voor het thema van de zomerweek van volgend jaar: de schimmels. Daar valt blijkbaar ook veel over te vertellen.

 

Stilte en verbinding

De plant centraal zetten, het maakte indruk. Dat was te merken toen we er op een namiddag op uit trokken om materialen uit de natuur te verzamelen, in het kader van een ritueel van Joanna Macy, de Amerikaanse ecofilosofe die ons met ‘het werk dat weer verbindt’ aanmoedigt om stil te staan bij de chaos in de wereld en om een rol te spelen in de ommekeer.

Ik sloot me aan bij het groepje dat in stilte stammen, takken en bladeren verzamelde. Het viel op dat niemand levend materiaal verzamelde. Er was dan ook meer dan genoeg dood hout te vinden om met gevulde handen terug te keren. Met alle materialen uit de natuur bouwden we een kunstwerk naast het water. Dit werd een stilteplek om het leven te eren en los te laten. We droegen het op aan al het leven dat we moeten loslaten, en in het bijzonder aan Rom, Aardewerker die op dat moment stervende was.

Achteruit kijken en rouwen om wat verloren ging hoort nadrukkelijk bij het werk van Joanna Macy.

Verstilling was een rode draad die doorheen de week liep. De ene dag was er een avondmaaltijd in stilte, op een andere dag genoten we van een stille avondwandeling door het bos. We waren stil genoeg om bevers bij hun dammen te zien: prachtig.

Elke ochtend dansten we de Olmendans, een eenvoudige dans in een cirkel, ook een onderdeel van het werk van Joanna Macy. Oorspronkelijk was de dans bedoeld om verbondenheid uit te drukken met de mensen uit de regio rond Tsjernobyl. We kregen de dans aangeleerd van Jeanneke, oermoeder van Aardewerk, die helaas na enkele dagen ziek naar huis ging. Het was telkens een magisch moment onder de bomen. Het deuntje bleef hangen, de kinderen hebben het thuis nog een paar dagen geneuried.

De dans begon met enkele stappen achteruit, om daarna vooruit en naar het midden te gaan. Achteruit kijken en rouwen om wat verloren ging hoort nadrukkelijk bij het werk van Joanna Macy. Op een avond legden we symbolisch dingen uit de natuur neer om dat wat verloren gegaan is in de wereld te erkennen. Een krachtig ritueel. Vooraf bracht Hilde de monoloog ‘Beren met advocaten’, over de beren die de mensheid aanklagen. Ze lieten de kasboeken van de aarde aanvoeren, ‘geschreven in wolken en gletsjers en sedimenten en geteld in de kleuren van de zon en de maan’. Ons belastingsysteem bleek niet het enige ter wereld te zijn. Indrukwekkend.

Een mens gaat op zomerweek om met hoop terug thuis te komen, zo blijkt. Marleen las op haar verjaardag een gedicht van Havel voor, waarvan volgende zin me bijbleef: ‘Hoop is een kwaliteit van de ziel en hangt niet af van wat er in de wereld gebeurt’. De koekjes van hoop waarmee ze trakteerde waren snel op.

 

Door de ogen van een tienjarige

Voor de kinderen was het allesbehalve een stille week. Ik laat mijn dochter aan het woord:

“Deze zomerweek was anders dan alle andere vakanties. Ik was vrijer door de aanwezigheid van andere kinderen. Meestal lees ik heel veel op vakantie omdat ik niets anders te doen heb. Deze keer niet, ik speel hier veel meer (dat is een voordeel).

De kinderopvang was echt super! Caroline en Valerie waren heel vriendelijk. Ik ben gestopt met de Chiro omdat daar alleen maar spelletjes waren. Hier was het knutselen: bootjes, dammen, kampen, takken versieren, stenen versieren, een blotevoetenpad maken. Echt alles was leuk.

Het eten was ook lekker. Soms wat lekkerder dan andere momenten, maar het was lekker. Het was ook lief van Tine dat ze soms een schotel apart hield voor de kinderen.

Alle mensen waren lief. De bonte avond was goed georganiseerd. Wat wil je nog meer?

Helena”

Daar voeg ik graag aan toe dat de zomerweek in zijn geheel goed georganiseerd was. Dank u Karen, Steven, Niki, Jeanneke, Werner en Jelle.

 

Dierenrechten

In het midden van de week was het tijd om onze aandacht te verschuiven: van de planten naar de dieren. Onze eerste verkenning van de dierenwereld was een voormiddag met de twee sprekers, Ullrich Melle en Ton Lemaire, samen. Voor dierenrechten wordt al gestreden sinds de jaren ’60, de beginperiode van de ecologische beweging, legde Ullrich uit. We bekeken de posities van Peter Singer, auteur van ‘Animal Liberation’ (1975) en van Tom Regan, auteur van ‘The Case for Animal Rights’ (1983). Singer is een utilitarist. Hij vindt dierenwelzijn belangrijk, maar laat gebruik en verbruik van dieren wel toe, zij het onder strenge voorwaarden.

Regan is principiëler. Hij wil dieren rechten toekennen en pleit voor een compleet verbod op gebruik en verbruik van dieren. Hij trekt die lijn ver door en pleit voor abolitionisme: alle gedomesticeerde dieren laten uitsterven. Gedaan met veeteelt, gedaan met gezelschapsdieren. Ik had de indruk dat er niet veel draagvlak was voor deze radicale positie bij de Aardewerkers, ofwel was iedereen te verrast. We zijn die dieren zo gewoon ondertussen, dat we ze moeilijk kunnen wegdenken. Veel dieren zijn door 10.000 jaar domesticatie ook zodanig genetisch veranderd, dat vrijlaten in de natuur geen optie is. Aanvullend op Singer en Regan bekeken we onder andere de feministische dierenethiek, die ruimte laat voor een meer emotionele benadering.

Welke richting gaan we uit? De consensus groeit: enkel een welzijnsethiek is onvoldoende. De geesten evolueren in de radicale richting, ingegeven door de enorme innerlijke rijkdom en de complexiteit van het dierenleven.

Het is cruciaal om de dimensie van onze menselijke activiteit te zien, zeggen Ullrich en Ton. Omwille van ons zelfbehoud instrumentaliseren wij de dieren- en plantenwereld. We gaan te ver. De voedselketen is geen vrijbrief om te vernietigen.

Dit lokte een interessante gedachtewisseling uit. Als we het planten- en dierenleven meer gaan waarderen, wat doen we dan met invasieve exoten en met plaaginsecten? En dieren onderling gaan toch ook niet bepaald zachtaardig met elkaar om? Wat met de voedselketen? Het is cruciaal om de dimensie van onze menselijke activiteit te zien, zeggen Ullrich en Ton. Omwille van ons zelfbehoud instrumentaliseren wij de dieren- en plantenwereld. We gaan te ver. De voedselketen is geen vrijbrief om te vernietigen. Dat er altijd een spanning zal zijn tussen ecologie en ethiek moeten we aanvaarden, zegt Ullrich. Een leedvrije wereld bestaat niet. We kunnen ethiek en ecologie niet in hun algemeenheid verzoenen. Je kunt van een wezen houden en het toch doden.

 

Dieren werden lange tijd serieus genomen

De volgende twee voormiddagen – de laatste lezingen – bekeken we de dierenwereld vanuit een breder perspectief, samen met Ton Lemaire, antropoloog en filosoof, en schrijver van het boek ‘Onder dieren – Voor een diervriendelijker wereld’ uit 2017. Ton leeft afgelegen in Frankrijk en houdt daar een hond, kippen en bijen. In de abolitionistische visie kan hij zich dus niet vinden. De geschiedenis van 10.000 jaar domesticatie wil hij niet tenietdoen. Integendeel, dieren brengen rijkdom in ons leven, zegt Ton.

Opnieuw maken we een reis door de tijd, naar pakweg 20.000 jaar geleden. Toen maakten jager-verzamelaars in grotten, zoals in Lascaux, indrukwekkende afbeeldingen, vooral van dieren. Dieren betekenden veel voor hen: ze waren een deel van hun voedsel en ze hadden een spirituele betekenis. De mensen waren toen nog in de minderheid in een wereld vol dieren. De jacht was emotioneel, wisselvallig en gevaarlijk. Eigenlijk was het een pre-wetenschappelijke dierenstudie, waarin ze zich voortdurend vergeleken met de dieren. Die omgang met dieren droeg bij aan de vroege ontwikkeling van ons menselijke bewustzijn. Ook later, bij de Grieken en de Romeinen, speelden dieren nog steeds een grote rol: mensen brachten dierenoffers, ze deden aan vogelwichelarij. We hebben dieren dus tijdens een groot deel van onze geschiedenis serieus genomen, ook in spirituele zin.

Hoe we ons gedragen tegenover dieren kwam onder hoogspanning te staan sinds Darwin met zijn evolutietheorie wees op de eenheid van alle leven. We weten het nu: we zijn een geëvolueerde primaat en geen gevallen engel.

Het was het jodendom dat brak met elke verering van het dier. De joodse godsdienst introduceerde het monotheïsme en het antropocentrisme. Hun God stond – als eerste – buiten de natuur en in de wereld zelf was er niets meer heilig. Jahweh schiep de mens naar zijn gelijkenis, en die mens moest heersen over de dieren. De joodse godsdienst was de eerste waarin de mens volstrekt centraal kwam te staan. Toen werd de mens ‘het dier dat geen dier meer wilde zijn’. Ons neerkijken op dieren is geworteld in de joods-christelijke traditie.

 

Het dierenproletariaat

‘Heersen over de dieren’ doen we ondertussen op industriële schaal. Miljarden koeien, kippen, varkens, geiten en andere dieren worden in kleine ruimtes opgesloten, geïnstrumentaliseerd als anonieme massa, verdingelijkt. Het is het ‘dierenproletariaat’, dat we uitbuiten met oog op maximale winst. Een normaal sociaal leven gunnen we hen niet, hun treurige bestaan eindigt in het abattoir. Het is een schandvlek in onze maatschappij, waarover we liever niet te veel weten. Steek het weg achter de coulissen, we verbloemen het wel met beelden van blije varkentjes.

Maar we instrumentaliseren niet alle dieren. Sommige dieren, zoals onze katten en honden, beschouwen we als gezinsleden. We vertroetelen en vermenselijken hen. Het is de elite onder de dieren. We geven hen het vlees van het dierenproletariaat te eten. Onze houding ten opzichte van dieren is dus dubbel, er treedt cognitieve dissonantie op.

Hoe we ons gedragen tegenover dieren kwam onder hoogspanning te staan sinds Darwin met zijn evolutietheorie wees op de eenheid van alle leven. We weten het nu: we zijn een geëvolueerde primaat en geen gevallen engel. De menselijke uitzonderingspositie staat op losse schroeven. Eigenlijk kunnen we spreken over ‘de mens en andere dieren’, al lukt dat mij vaak niet in deze tekst. We zijn het zo gewend om de mens als een aparte categorie te zien, een trapje hoger in de zijnshiërarchie dan de dieren.

Dat beeld wankelt, nu het wetenschappelijk onderzoek naar dieren op volle toeren draait. Studies van het gedrag van dieren in het wild tonen keer op keer aan hoe complex het dierenleven is. Veel dieren hebben op zijn minst een aanzet tot empathie. De grens tussen mens en dier valt steeds moeilijker te trekken. De vraag wordt zo stilaan: zijn wij wel slim genoeg om te begrijpen hoe slim de andere dieren zijn?

Eigenlijk zijn wij, mensen, biologisch gezien gebrekkige wezens. We hebben veel zwakke kanten, we zijn instinct-arm. We zijn het niet-vastgestelde dier, veelzijdig, open en flexibel. Van die biologische zwakte hebben we onze sterkste troef gemaakt, zegt Ton. Doordat we onszelf voortdurend moesten uitvinden, hebben we cultuur ontwikkeld: werktuigen, taal, instituties.

 

Diervriendelijker

Sinds de publicatie van ‘Animal Liberation’ van Peter Singer, waar we het eerder tijdens deze zomerweek al over hadden, is de dierenrevolutie niet meer te stoppen. Onze kijk op dieren evolueert. In onze omgang met dieren zijn er tendenzen ten goede, maar het gaat langzaam. De weerstand is enorm, door de grote economische belangen en door de botsing met het eeuwenoude mensbeeld dat ons toeliet om dieren uit te buiten. Dierentuinen, stierenvechterij, dierproeven, recreatieve jacht: het zijn activiteiten die meer en meer worden gereguleerd, ingeperkt of die op zijn minst tegenwind ondervinden.

Ton Lemaire pleit voor landbouw en veeteelt op een totaal andere basis. Hij stelt voor om de traditionele landbouw en veeteelt te rehabiliteren. Niet omdat alles vroeger idyllisch was, maar de omgang met dieren was toen wel diervriendelijker dan nu. Opnieuw decentraliseren dus, bewust kiezen voor kleinschaligheid. Ton pleit niet voor veganisme of abolitionisme, wel voor vreedzaam en zorgzaam omgaan met dieren. Zelf oogst hij van de honing in zijn bijenkasten enkel het surplus, dat wat de bijen meer verzamelen dan ze nodig hebben. En zijn hond krijgt een klein stuk vlees, al eet Ton dat zelf bewust niet.

Er bestaat een ideaalbeeld van de ‘nobele wilde’, de ecologisch wijze jager-verzamelaar die in evenwicht leefde met zijn omgeving, een beeld waar sommigen graag naar teruggrijpen. Heeft die nobele wilde ooit bestaan of is het een mythe? Er zijn vraagtekens bij te plaatsen. In ieder geval zijn onze aantallen te groot om op die manier te gaan leven. We moeten wel verder met landbouw en veelteelt. Toch kunnen we iets leren van de jager-verzamelaars: ze inspireren ons om de eenvoud van het leven te waarderen en om ons betrokken te voelen bij de natuur.

Ton Lemaire pleit voor een verruiming van het humanisme: niet om de mens omlaag te trappen, wel om het dier beter te behandelen. Laat ons de dieren opnemen in onze morele kring, stelt hij voor. Humanimalisme, noemt hij dat.

Hoe zien we onze omgang met dieren in de toekomst? Lang geleden omvatte onze kring van morele betrokkenheid enkel onze eigen groep. Ondertussen hebben we hem uitgebreid tot de hele mensheid. Iedereen is onze naaste en de rechten van de mens zijn ons referentiekader. Maar de dieren? Die vallen erbuiten. Het humanisme stelt de mens centraal. Ton Lemaire pleit voor een verruiming van het humanisme: niet om de mens omlaag te trappen, wel om het dier beter te behandelen. Laat ons de dieren opnemen in onze morele kring, stelt hij voor. Humanimalisme, noemt hij dat, al geeft hij toe dat het woord een tongbreker is.

Het humanimalisme introduceren als nieuwe ethiek voor het antropoceen is in het belang van de dieren én van onszelf. We zijn erbij gebaat dat we onszelf beperken. Als we onze planeet verstandig willen beheren, doen we er goed aan om een kosmisch besef, een diepgaand gevoel van verbondenheid met alles, te ontwikkelen.

 

Bevreemdend

Terug thuis keek ik met andere ogen naar de eentonige maisvelden, de jonge koeien in de wei (melkmachines in spe), de velden met besproeide snijbloemen, de aangelegde tuinen, de vele verharding. Er zijn nauwelijks vierkante meters die niet door de mens worden aangeraakt. Heel het ons omringende landschap reflecteert onze verhouding tot dieren en planten, die gebaseerd is op uitbuiting. Het landschap voelde bevreemdender aan dan ooit.

Het ons omringende landschap reflecteert onze verhouding tot dieren en planten, die gebaseerd is op uitbuiting. Het landschap voelde bevreemdender aan dan ooit.

Dit is niet de manier waarop we verder kunnen. De zomerweek gaf me het gevoel dat er dingen aan het schuiven zijn gegaan, ook al waren we er maar met een zestigtal Aardewerkers. De nieuwe inzichten zullen geïntegreerd raken in ons handelen, al zal het zijn tijd vragen. Gelukkig stond het ‘onkruid’ in mijn tuin nog even hoog.

An Van Damme

Verschenen in de herfstnieuwsbrief 2019 van Aardewerk.
Meer over Aardewerk: www.aardewerk.be.

Het Vaartland in beweging

Het Vaartland in beweging

Klimaan Vaartland is vanaf deze maand de lokale afdeling van Klimaan in Willebroek. Wij zijn reeds enkele jaren actief in Willebroek onder de naam Transitie Vaartland. Zo houden we om de 2 maanden een open transitie café. Daarnaast organiseren we twee keer per jaar een repair café, en ook verschillende workshops en filmvoorstellingen.

Bij ons in Willebroek is alle ruimte om gezellig samen te filosoferen, bij te praten of zelfs “niets doen voor het klimaat”.

Klimaan Vaartland wil graag de initiatieven van Klimaan, acties als Led op! in Willebroek onder de aandacht brengen. En natuurlijk willen we meewerken aan een project in hernieuwbare energie te Willebroek.

Op de laatste plenaire vergadering konden wij de leden van Klimaan charmeren met onze laagdrempelige, inclusieve aanpak en de wat aparte stijl om dingen gedaan te krijgen. Wij zijn blij dat we de Klimaan familie van verenigingen mogen vervoegen, en deze prachtige organisatie mee kunnen laten groeien.

Tot binnenkort!

Klimaan Vaartland / Transitie Vaartland / Willebroek

 

 

Belgen willen meer hernieuwbare energie

Belgen willen meer hernieuwbare energie

Belgen willen dat de overheid een prioriteit maakt van de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Daarnaast willen ze dat ons land meer investeert in windmolens op zee en in het algemeen meer moed en langetermijnvisie aan de dag legt in het klimaatvraagstuk. Dat zijn de resultaten van de online volksbevraging over de Belgische klimaatplannen. (bron: Knack)

België moest net als de andere EU-lidstaten een ontwerpplan indienen bij de Europese Commissie, in dit plan staat hoe ons land de klimaatdoelstellingen van 2030 wil halen. Maar de Europese Commissie vond het Belgische plan onvoldoende.

Europa vroeg de lidstaten om ook de burgers bij het opmaken van de plannen te betrekken. Ons land organiseerde daarom een online bevraging. Vanaf 4 juni konden Belgen zes weken lang aan die volksbevraging deelnemen. Meer dan 60.000 mensen deden dat ook.

De resultaten van de bevraging zijn nu verwerkt, en daaruit blijkt dat we meer initiatief van de overheid verwachten in de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Dat moet een prioriteit worden, zeggen 9 op de 10 deelnemers aan de bevraging. Evenveel deelnemers vinden dat er meer geïnvesteerd moet worden in windmolens op zee en dat het openbaar vervoer en de fiets fiscaal voordeliger moeten worden voor woon-werkverkeer dan de auto.

Er is in België een groot draagvlak voor projecten in hernieuwbare energie. Met Klimaan willen wij ideeën voor de energie van de toekomst omzetten in concrete oplossingen en projecten.

Wil je graag mee investeren in onze energiecooperatie? Lees dan hier meer.

Heb je een voorstel voor een project in hernieuwbare energie of wil je graagmeewerken aan activiteiten als vrijwilliger in onze VZW? Sluit je dan aan bij klimaan.